05
02/16
Meer verbondenheid? Warme samenleving?
Gepubliceerd door FAN- RJF, klik hier voor printbare versie
Radicalisering sociale strijd voor veralgemening sociale bescherming, minder Caritasindustrie.

Enkele weken verscheen in De Morgen een opinie (zie onder mijn reactie) van moraalfilosoof Patrick Loobuyck. Hij houdt een pleidooi voor de noodzaak aan een Minister van Samenleven.
Ik kon het niet laten in mijn pen te kruipen en te reageren.
Eric Goeman, woordvoerder Attac Vlaanderen, coördnator FAN

Een Minister van Samenleven. Om te binden. Om meer “togetherness” te organiseren.
Op zichzelf is dit zeker geen slecht idee (er kan altijd nog een minister bij) maar een Minister van Samenleven kan het samenleven niet bevorderen wanneer diezelfde samenleving niet gebaseerd is op gelijkheid en solidariteit, maar vooral op vrijheid en concurrentie.
En dat gaat natuurlijk niet over de zo bejubelde vrijheid van meningsuiting maar wel degelijk over de individuele vrijheid om te concurreren met elkaar op leven en dood via de vrije markt, een jungle waarin alleen het recht van de sterkste heerst. Deze economische vrijheid om anderen uit te buiten, tot loonarbeid te dwingen en hun sociale mobiliteit (dus hun klassenpositie) te bepalen is een van de fundamentele vrijheiden van het liberale kapitalisme.
We hebben natuurlijk daarbij niet alleen het recht om te consumeren maar de plicht om te consumeren, vormgegeven door een consumptiestaat, gedomineerd door kapitalistische winstaccumulatie.
Intussen worden sinds twee decennia onder neoliberale dogma’s en mythes allerlei solidariteitsstructuren, ooit opgebouwd vanuit de sociale strijd van de grootste sociale bewegingen, de vakbonden, afgebroken.
Solidariteitsstructuren zoals vakbonden zelf, de sociale zekerheid, de sociaaldemocratische verzorgingsstaat. Alle structuren die noodzakelijk zijn om de best mogelijke sociale bescherming van de meederheid van de bevolking te garanderen.
Terwijl de overheid, die de zwaksten zou moeten beschermen, zichzelf "ontvet", moeten jaarlijkse rituelen zoals Music for Life "sociale warmte" brengen in een ijskoude samenleving. Rituelen die volledig gedrenkt worden in de dominante entertainmentindustrie.
Een Minister van Samenleven zal of kan geen verbondenheid brengen in een samenleving waarin dominante kapitalistische en financiële krachten diezelfde samenleving de ongelijkheid indrijven en ontwrichten. Natuurlijk bedoelen Job Cohen en Barack Obama het goed (en ze geloven waarschijnlijk zelfs in hun eigen uitspraken) wanneer ze zich uitspreken over "de boel samenhouden" en "together", maar het is puur idealisme en romantiek.
Ik hoor al een koor roepen: wat is er mis met idealisme en romantiek?
Er is helemaal niets mis met romantiek en idealisme, maar niet als sociale tegenkrachten.
Wat op dit ogenblik honderden vrijwilligers doen in Calais en Duinkerken is bewonderingswaardig.
Maar zijn we goed bezig?
Ik begrijp dat al die vrijwilligers moreel geraakt door de schrijnende situatie waarin mensen verkeren een warme samenleving willen tonen.
Maar de samenleving wordt niet warmer door de warmte van de vrijwilligers.
Eerst en vooral moet dit de taak van onze overheden zijn.

Ofwel zijn we een verzorgingsstaat ofwel niet meer.
In een verzorgingsstaat moet iedereen in nood geholpen worden. De overheden kunnen financiële middelen verstrekken aan hulporganisaties om die hulp te verlenen en de sociale taken van de verzorgingsstaat uit te voeren. Vrijwilligers moeten gewoon de kers op de taart van de hulpverlening zijn en nooit het fundament.
Nu trekt de staat zich terug waardoor de hulporganisaties zich ook terugtrekken en alleen de goodwill van de vrijwilligers overblijft. De vrijwilligers nemen dus de plaats in van een verzorgingsstaat die steeds minder verzorgt en steeds meer mensen uit de sociale boot kiepert.
Het vrijwilligerswerk in Calais en Duinkerken is in feite een grote aanklacht tegen het falen van de verzorgingsstaat. Laten we dat dan ook met zijn allen formuleren.
Nu dreigen we te verworden tot onderdeel van een nieuwe Caritasindustrie terwijl de overheid gewoon de andere kant opkijkt.
De overheid kijkt zelfs niet alleen de andere kant op. Tezelfdertijd moeten we vernemen, dat deze regering geen bal zin heeft om het bedrag van 700 miljoen euro die volgens de Europese Commissie de Belgische overheid gewoon fiscaal cadeau heeft gedaan aan 35 multinationale ondernemingen en dus niet in de publieke schatkist zijn terechtgekomen, terug te vorderen van de multinationale vrienden. Terwijl intussen de gewone gezinnen en werkende mensen hun electriciteitsrekening bijna verdubbeld zien in 2016.
Idealisme kan geen tegenkracht zijn tegen de ontbindende krachten van het kapitalisme, dat kan alleen door sociale strijd, en jawel ook staken, zelfs spoorstakingen zijn onderdeel van de sociale strijd.
Een strijd van onderop die nieuwe economische modellen moet scheppen waarin de werkende mensen de economische krachten beheren en niet omgekeerd.
Het nieuwe geloof in sterk leiderschap en beter leiderschap zet weinig of geen zoden aan de dijk. We hebben geen behoefte aan sterke leiders maar aan sterke sociale bewegingen die zo radicaal mogelijk de strijd met het neoliberale gedachtengoed aangaan.
Dit arrogante neoliberalisme wordt met verve en zonder schaamte vooral verdedigd door het multinationale patronaat en hun aandeelhouders, plus hun lobbygroepen zoals VBO en VOKA, maar ook door een groot deel van de politieke klasse en overheden, die zich wentelen in de rol van lakeien van vermogen en kapitaal.

De fiscale afbraak van de sociale verzorgingsstaat
De rijken, vermogenden en multinationale ondernemingen proberen zoveel mogelijk hun belastingsverplichtingen te ontlopen. Dat leidt tot de afbraak van de sociale welvaartsstaat die meer en meer vervangen wordt door een "low-cost verzorgingsstaat" gecombineerd met private liefdadigheid waarbij de “gulle gevers” steeds meer zelf de besteding van deze financiële middelen reguleren en draineren. Daardoor wordt deze hulpverlening steeds meer gedreven door romantiek en de kracht van media, publiciteit, sociale media en digitale netwerken, maar niet door de daadwerkelijke hierarchie in wie hulp nodig heeft en minder hulp. Daarom is de strijd voor de toekomst van sociale bescherming en herverdeling binnen de kapitalistische machtsverhoudingen van levensbelang niet alleen voor ons, maar ook voor het Zuiden. Dat is vandaag ook de inzet van de sociale strijd waarmee onze sociale bewegingen zoals vakbonden en Hart boven Hard geconfronteerd worden.
Alleen het bundelen van alle linkse krachten, een zeer moeilijke oefening wegens te grote verdeeldheid en het wentelen in het grote gelijk, kan ook al deze kleine en grote strijden bundelen.
Dan is misschien met vallen en opstaan en weer vallen en opnieuw opstaan een “samenleving” mogelijk.
Dat was tenslotte het grote verhaal achter een van de belangrijkste slogans van de andersglobalisten: "omdat een andere wereld mogelijk is".
Die andere wereld is nog steeds mogelijk, maar de rechtspopulistische, xenofobe, conservatieve en extreemrechtse tegenkrachten zijn zeer sterk en de tijd dringt. Mede onder druk van de voortdurende oorlogen die vooral samenlevingen ontwrichten in het Midden-Oosten, de vluchtelingenstromen die daardoor loskomen en de complexe klimaatcrisis.
Zij die denken dat eindeloze oorlogen, agressieve interventies en vernederingen van andere volkeren, gekoppeld aan blokkering van sociale en economische ontwikkeling en het selectief toekennen van mensenrechten, zonder gevolgen kan blijven voor onze samenlevingen dwalen. De oorlogen die wij voeren of tenminste onze steun aan verlenen zullen meer en meer tot in onze steden gebracht worden en ook daar worden uitgevochten. Ook dat is onderdeel van neoliberale globalisering. Het militair-industriële complex en het terrorisme zijn twee kanten van dezelfde munt
Maar het blijft vooral een "strategie van de spanning", het bekende politieke recept om angst te zaaien in de samenleving, de besparingen buiten gezichtsveld te houden en de kopjes van de mensen te richten op het "belangrijkste sociale probleem" van onze tijd: de strijd tegen het terrorisme. Dat intussen onze verzorgingsstaten ontwricht worden door de idiote politiek van besparingen en het fiscaal wangedrag (met goedkeuring van de overheid) van tienduizenden vermogenden, multinationale ondernemingen en renteniers is blijkbaar peanuts.
En laten we wel wezen ook onze vorige regeringen zijn niet achter de vermogens gegaan, hebben meer de werklozen bestreden dan de werkloosheid, hebben de fiscale achterpoorten niet gesloten voor de grote fraudeurs, hebben fiscale amnestie uitgedeeld aan de kapitaalvluchtelingen, hebben de loonlasten verlaagd voor de bedrijven terwijl de gewone mensen het meest belasting betaalden, hebben de notionele interestaftrek georganiseerd en niet afgeschaft, enz. Zijn we dit al vergeten?

De gijzeling van de werkende mensen, het pamperen van vermogenden en multinationale ondernemingen

Tot vandaag zijn de werkende en werkloze werknemers altijd gegijzeld.
Voor de aanslag op Charlie Hebdo waren we even in de ban van gelijkheid/ongelijkheid (Piketty). Na de terroristische slachting in Parijs op 13 november 2015 staat vrijheid terug vooraan. Absolute vrijheid leidt tot ongelijkheid. Ongelijkheid is een beproeving voor de broederschap en zusterschap. In het liberale kapitalisme is het dominante vrijheidsregime de repressieve tolerantie, groeit de ongelijkheid en wordt broederschap (solidariteit) vervangen door verdraagzaamheid, een dialoog tussen ongelijken in een regime van het recht van de sterkste.
Vlaanderen heeft verandering gewild, Vlaanderen heeft zijn verandering gekregen. De economie, de verzorgingsstaat en publieke dienstverlening worden niet kapot gestaakt, maar kapot bespaard. Over de schade die de beste vrienden van de rechtse regering Michel 1, de ondernemers, de kapitaalvluchtelingen, de nomaden van de fiscale optimalisatie, aan de economie toebrengen door legaal de publieke schatkist te plunderen, hoor je ze niet. De leugen regeert.
Laten we de handen in elkaar slaan en radicaal de strijd voor sociale bescherming voor iedereen opnemen. Dan hebben we geen Minister van Samenleven nodig, laat staan sterke leiders.
In de dagelijkse sociale strijd zullen we verbondenheid opbouwen en opnieuw daadwerkelijke inhoud verlenen aan het begrip “together”.
Daarvoor hebben sociale bewegingen altijd gestaan en daarvoor moeten ze gaan.
Omdat een andere wereld mogelijk is.
Omdat een andere wereld moet.

 

We hebben nood aan een Minister van Samenleven (De Morgen)
Patrick Loobuyck is moraal-filosoof en hoogleraar levens-beschouwing aan de Universiteit Antwerpen. Hij is ook auteur van Samenleven met overtuiging(en).
Migratie en samenleven in diversiteit zijn al langer dan vandaag voer voor een intens en gepolariseerd maatschappelijke debat. Het zijn thema's waarover we moeilijk de juiste toon en nuance vinden. Nu we opnieuw met een grote hoeveelheid asielzoekers en vluchtelingen geconfronteerd worden, is dat niet anders. De terreur en de gebeurtenissen in Keulen zetten de zaken nu helemaal op scherp. Elke vorm van politieke correctheid moet het ontgelden en expliciete xenofobie en neonazi's steken de kop op. De maatschappelijke angst wordt overal voelbaar.

Bepaalde politici reageren onwennig, afwachtend, onmachtig. Anderen spelen handig populistisch op die angst in door ze te bevestigen en te cultiveren.
Er is nu evenwel vooral behoefte aan leiderschap door politici die de bestaande angst en onrust serieus nemen, maar ze ook proberen te kaderen, te duiden en in perspectief te zetten. Angst voor migratie en diversiteit is niet automatisch een uiting van onverdraagzaamheid, racisme of xenofobie, maar bij gebrek aan een goede begeleiding en een sterk tegenverhaal zal die angst daar wel in uitmonden. En dan zijn we nog verder van huis.

Want wie denkt dat diversiteit en migratie te stoppen zijn, dwaalt. We kunnen een en ander proberen te managen, maar omgaan met migratie, nieuwkomers en diversiteit is in allerlei maatschappelijke domeinen 'part of the game' geworden. De vraag of we dat nu graag willen of niet is al lang niet meer ter zake.

Meer dan ooit staan we voor de uitdaging om naar het woord van de toenmalige burgemeester van Amsterdam Job Cohen "de boel bij elkaar te houden". We moeten inzetten op de inburgering, integratie en emancipatie van nieuwkomers. Ze moeten kansen krijgen om te participeren en er moet nagedacht worden over strategieën die maken dat ze zich snel met onze samenleving en onze politieke waarden kunnen identificeren. Maar we moeten ook dringend meer investeren in de gastsamenleving zodat ze zich kan gaan verzoenen met het statuut van een diverse immigratiesamenleving.

Er is nood aan een Marshall-plan waarin middenveld, onderwijs en overheden, autochtonen en allochtonen, arbeidsmarkt, communicatie en media gecoördineerd aan de slag gaan. Voor een stuk zal het begrip voor reële problemen en angsten van mensen als startbasis moeten dienen om mensen over de streep te kunnen trekken.

Goed dat we ministers en staatssecretarissen hebben voor inburgering, asiel en migratie, maar we hebben ook nood aan een coördinerend Minister van Samenleven. Deze kan als verbindende en bemiddelende instantie op allerlei terreinen mee helpen zoeken hoe we ondanks diversiteit, nieuwkomers, ontzuiling, secularisering, individualisering en globalisering een gemeenschap kunnen blijven vormen. Het is tekenend dat Barack Obama voor zijn laatste State of the Union gisteren inzette op het concept together. Zijn verhaal vertrekt vanuit wat zijn bevolking bindt en als gemeenschappelijke basis kan dienen om hoopvol en constructief naar de toekomst te kijken.

Te lang is het thema gemeenschapsvorming quasi exclusief een rechts thema geweest, door links schromelijk verwaarloosd omdat het niets van nationalisme en eigen identiteit wilden horen. Wie echter een samenleving wil bouwen op basis van vrijheid, gelijkheid, verdraagzaamheid en solidariteit kan niet zonder een maatschappelijk bindmiddel en zoveel mogelijk mensen die zich met onze samenleving identificeren. Zonder een vorm van sociale cohesie en wederzijdse betrokkenheid is er geen draagvlak voor solidariteitsmechanismen en samenlevingsopbouw.

Politiek en maatschappelijk ligt hier ontzettend veel werk op de plank. Dat weten we al langer, maar de tijd begint nu echt te dringen en falen is geen optie.