08
12/10
Akkoord over aanpak fiscale fraude bereikt: voor FAN onvoldoende
Gepubliceerd door FAN- RJF, klik hier voor printbare versie
De Bijzondere Belastinginspectie, de procureurs-generaal en de politie hebben na maandenlange discussies een akkoord bereikt over de aanpak van kleine en grote belastingfraudes. Dat bevestigt Carl Devlies (CD&V), staatssecretaris voor de Coördinatie van de Fraudebestrijding.
Carl Devlies, CD&V staatssecretaris

Het akkoord regelt de taakverdeling tussen gerecht en fiscus. Het is de bedoeling dubbelwerk te vermijden. Sommige dossiers moeten meteen gerechtelijk aangepakt worden en andere kunnen beter alleen administratief onderzocht worden. De gebrekkige afstemming tussen het gerecht en de fiscus was de oorzaak van het mislukken van tal van grote fraudezaken.
Het akkoord gaat over het zogeheten ‘una via’-systeem. Het bevat concrete afspraken, criteria en procedures zodat fraudedossiers nog maar ‘één weg’ inslaan: ofwel een behandeling door het gerecht, ofwel door de fiscus, ofwel in een goede samenwerking. Dat is niet vanzelfsprekend, want belastingambtenaren hebben de plicht het gerecht alle strafbare feiten te melden.
De invoering van het una via-systeem was een van de belangrijkste aanbevelingen van de parlementaire onderzoekscommissie ‘Fiscale Fraude’. Die onderzocht maandenlang waarom zoveel grote fraudezaken tot niets leiden.

Miljoenenfraude

De commissie stelde onder andere vast hoe de gerechtelijke onderzoeken naar de miljoenenfraude met kasgeldvennootschappen en met de forfaitaire buitenlandse belasting (fbb) jarenlang vertraging opliepen omdat de belastinginspectie veel te laat het gerecht had ingeschakeld. Daardoor draaiden de meeste strafzaken uit op een verjaring en gingen honderden verdachten vrijuit. Afgelopen vrijdag is een werkgroep met toplui van de politie, het openbaar ministerie en de Bijzondere Belastinginspectie het eens geraakt over een tekst. Die wordt volgende week woensdag in een college met alle betrokken antifraudediensten besproken. Volgens Devlies is zijn werk dan klaar. Het is dan aan de volgende regering het akkoord uit te voeren.
Vandaag (08/12/2010) zit de Kamercommissie Financiën bijeen om de meer dan honderd aanbevelingen van de onderzoekscommissie Fiscale Fraude - waaronder ‘una via’- op te volgen. Het is de bedoeling dat de commissie daar elke maand minstens één dag voor uittrekt. Bovenaan op de agenda staat het opheffen van het bankgeheim.

Het FAN/RJF heeft een werkgroep die deze commissie opvolgt. Het una-via systeem is een eis van het FAN/RJF en dit akkoord  mag zeker gezien worden als een stap in de goede richting om de fraude te bestrijden. Wat het bankgeheim betreft lopen de meningen tussen het FAN/RJF en de commissie uit elkaar. Nu staat er in de wet dat het bankgeheim kan opgeheven worden als er ‘concrete elementen zijn die het bestaan of de voorbereiding van belastingontduiking kunnen vermoeden’. Dat zinnetje zou vervangen worden door ‘aanwijzingen die kunnen vermoeden dat de verschuldigde belasting hoger is dan blijkt uit de aangegeven inkomsten.”

Voor het FAN/RJF is dat onvoldoende!

Het bankgeheim ‘versoepelen’ is nog altijd niet het bankgeheim ‘volledig’ opheffen. Het blijft dus een zachte versie van dat wat het FAN vraagt, namelijk de volledige opheffing van het bankgeheim. Dit maakt dat de banken verplicht zijn om automatisch inlichtingen te verstrekken aan de fiscus. We hebben daar goede redenen voor om dit zo te stellen. Wanneer enkel het bankgeheim wordt opgeheven als er aanwijzingen zijn van ‘grote fiscale fraude’ dan heeft het verleden al aangetoond dat dit moeilijk aan te tonen valt. Het is trouwens ook een vaag begrip! Wanneer mag men spreken van ‘grote fraude’? En wat is het verschil met de wetgeving die er vandaag al bestaat? Het bankgeheim mag immers opgeheven worden wanneer er na een “ernstig” onderzoek sterke vermoedens van fraude bestaan.


(Op de foto: CD&V staatssecretaris voor de coördinatie van de Fraudebestrijding)